A-Z Behandelingen

Longkanker

Wat is longkanker?

Longkanker is een verzamelnaam voor een aantal kwaadaardige tumoren uitgaande van de longen.

De belangrijkste typen zijn:

  • bronchuscarcinoom
  • niet-kleincellig longcarcinoom, in het Engels: Non-Small Cell Lung Cancer (NSCLC)
  • plaveiselcelcarcinoom
  • adenocarcinoom
  • grootcellig ongedifferentieerd carcinoom
  • kleincellig carcinoom

Tumor
Het mesothelioom, is geen longkanker maar een tumor uitgaande van het longvlies. Deze ontstaat met name na blootstelling (tientallen jaren eerder) aan asbest. Daarnaast vindt men in de longen vaak tumoren die zijn uitgezaaid van andere plaatsen, bijvoorbeeld prostaat- of borstkanker.

Operatie
Slechts een klein percentage (minder dan 25%) van de patiënten met longkanker komt in aanmerking voor een operatie. Hierbij wordt een deel van een long of een gehele long weggenomen. Vaak is operatie niet meer mogelijk omdat pas in een laat stadium klachten ontstaan. De ziekte is dan vaak al uitgezaaid naar de lymfeklieren of naar andere organen. Een operatie heeft dan veelal geen zin meer.

Symptomen
Meestal zijn er in het begin van de ziekte weinig opvallende klachten. Daardoor gaat men vaak te laat naar de dokter en kan de ziekte niet goed meer behandeld worden. Raadpleeg daarom op tijd uw huisarts als u last heeft van de volgende klachten:

  • hardnekkige hoest
  • bloed ophoesten
  • piepende ademhaling
  • koorts
  • pijn aan de borstkas
  • kortademigheid
  • heesheid
  • moeilijkheden met slikken
  • verlies van eetlust
  • gewichtsverlies
  • vermoeidheid
  • slechter wordende conditie
  • terugkerende luchtweginfecties

De bovengenoemde symptomen zijn niet specifiek voor longkanker. Er kan dus ook iets anders aan de hand zijn. Als longkanker veel in uw familie voorkomt dan kunt u overwegen zich te laten screenen bij de huisarts of een longarts.

Voor wie is revalidatie zinvol?

Als de operatie of bestralingen achter de rug zijn en u genezen bent verklaard, is de moeilijke tijd meestal niet zomaar voorbij. Fysiek heeft de behandeling een zware tol geëist. De longcapaciteit is vaak verminderd. En het oppakken van het oude leven gaat soms moeilijk door de vermoeidheid en de kortademigheid. Ook zijn veel ex-longkankerpatiënten angstig. Bang om weer ziek te worden, bang voor de dood, bang om weer de draad op te pakken. Een revalidatiebehandeling van een aantal maanden bij het Rijnlands Revalidatie Centrum (RRC) kan u helpen om fysiek én mentaal te herstellen.

Wat houdt de behandeling bij het RRC in?

In het RRC traint u drie keer per week onder begeleiding van behandelaars die gespecialiseerd zijn op het gebied van longkanker. Zij weten precies tot hoe ver u kunt gaan. Door deze ‘veilige’ omgeving durft u zich meer in te spannen waardoor uw conditie groeit. En ook het vertrouwen in uw lichaam. Maar revalidatie is meer dan alleen trainen voor een betere conditie. De therapeuten leren u ook beter omgaan met uw beperkte energie en met angst en stress. Bijvoorbeeld door middel van informatiebijeenkomsten en het leren van ontspanningsoefeningen. U kunt tijdens uw revalidatie ook individuele begeleiding krijgen van een maatschappelijk werker of psycholoog. Een diëtist helpt u met eventueel onder- of overgewicht. En als u moeite heeft met stoppen met roken, ondersteunen we u hier ook bij.

In een veilige omgeving
Tijdens de training blijft een gespecialiseerde fysiotherapeut continu bij u. Hij of zij houdt nauwlettend uw toestand in de gaten. De longarts heeft zijn werkkamer in de buurt. Als zich een probleem voordoet, is hulp direct voorhanden. In deze omgeving zult u zich veilig voelen om steeds verder de grenzen van uw lichaam op te zoeken. Hierdoor kunt u uw conditie verbeteren. En gaat uw conditie vooruit. U krijgt dan weer vertrouwen in uw lichaam.

Behandelaars
Anders dan bij bijvoorbeeld de eerstelijns fysiotherapeut, werkt bij het RRC een heel team van verschillende soorten behandelaars voor uw revalidatie met elkaar samen. Afhankelijk van uw situatie zijn de volgende hulpverleners bij uw revalidatie betrokken:

  • longarts en algemeen arts
  • fysiotherapeut
  • ergotherapeut
  • maatschappelijk werker
  • psycholoog
  • functieassistent
  • bewegingsagoog
  • diëtist
  • logopedist

Programma
In de praktijk betekent longrevalidatie dat u 3 à 4 keer per week naar het revalidatiecentrum komt. U traint dan in groepsverband onder deskundige begeleiding. Daarnaast krijgt u eventueel één op één begeleiding van verschillende soorten behandelaars. En kunt u meedoen aan informatiebijeenkomsten.

Werken aan uw doelen
U stelt samen met de (long)arts en de andere behandelaars uw doelen vast. U weet vast wel wat u graag zou willen. Buiten fietsen, verder kunnen lopen, weer zelf uw boodschappen kunnen doen. Als u voor uzelf weet wat u wilt, dan gaan de behandelaars daar samen met u naartoe werken. Zolang het binnen uw mogelijkheden ligt natuurlijk. Als u het moeilijk vindt om doelen te bedenken, helpen we u daar natuurlijk bij.

Het verloop van de behandeling

De revalidatie heeft 3 fasen:

  1. intakefase
  2. behandelfase
  3. afrondingsfase

1. De intakefase
Om te beoordelen of revalidatie voor u zinvol is en om voor u een goed revalidatieprogramma samen te stellen, doen we eerst een aantal onderzoeken. Dat begint bij de uitnodiging voor het eerste onderzoek waarbij u een vragenlijst van ons krijgt. Ook al lijken sommige vragen op elkaar, vragen we u om de vragenlijst volledig in te vullen en mee te nemen naar uw kennismakingsgesprek met de arts.

Het onderzoek bestaat uit:

  • kennismakingsgesprek met de longarts
  • longfunctieonderzoek en medicijninstructie met de functieassistent
  • fietstest met de functieassistent en de arts
  • gesprek en onderzoek met de fysiotherapeut
  • gesprek met de maatschappelijk werker
  • uitslaggesprek met de arts

Eventueel zijn ook onderstaande onderzoeken nodig:

2. De behandelfase
Samengevat bestaat uw revalidatieprogramma uit:

Tijdens de revalidatieperiode zijn er regelmatig evaluatiemomenten om te bekijken welke doelen u ondertussen al hebt gehaald.

3. De afrondingsfase
Ter afsluiting en evaluatie van uw revalidatie worden de onderzoeken die u aan het begin heeft gehad weer herhaald. Daarna volgt een eindgesprek met de arts. Daarin bespreekt de arts het verloop van de revalidatie en de resultaten van de afsluitende onderzoeken. Samen met de arts kijkt u of de doelen bereikt zijn, die bij het begin van de revalidatie zijn gesteld.

Verslag
Uw huisarts, specialist en eventueel (op uw verzoek) andere artsen krijgen een verslag met daarin het resultaat van de revalidatie. Voor vervolg van de medische zorg kunt u na de revalidatie terecht bij uw huisarts en/of longarts.

Actief blijven
Het is sterk aan te bevelen om na de longrevalidatie lichamelijk actief te blijven, afhankelijk van uw wensen en mogelijkheden. U kunt bijvoorbeeld zelf gaan wandelen, fietsen, zwemmen of sporten. De ervaring leert dat gemeenschappelijk sporten meer motiveert om lichamelijk actief te blijven, dan individueel oefenen. Met de trainingsstaf kunt u bespreken welke sportmogelijkheden er voor u in uw omgeving zijn. Afhankelijk van uw longfunctie kunt u verwezen worden naar een particuliere fysiotherapiepraktijk bij u in de buurt.

Psychosociale hulp
Als u behoefte heeft aan verdere psychosociale begeleiding na de revalidatie kunt u dit met uw maatschappelijk werker of psycholoog bespreken. Zij vertellen u de mogelijkheden op dit gebied.

Hoe lang duurt de behandeling?

De standaard behandeling duurt gemiddeld 12 weken. Als het nodig is, kan dat ook langer zijn.

Vanuit huis revalideren of opgenomen in de kliniek?

De meeste patiënten doen mee aan een poliklinisch programma, waarbij ze vanuit huis revalideren. Maar soms zijn de klachten van de longziekte echter zo ernstig dat wekelijks naar het revalidatiecentrum reizen te zwaar is. Dan kunt u samen met de longarts opname in kliniek overwegen.

Aanmelding en vergoeding

Voor longrevalidatie is verwijzing door een longarts nodig. De meeste zorgverzekeraars vergoeden de kosten van longrevalidatie.